HOME  |  Dualisme

Dualisme

Meer inspraak en controle door Wet Dualisme

Sinds 2002 zijn de verhoudingen in het gemeentelijk bestuur behoorlijk veranderd. Toen is namelijk de 'Wet Dualisering Gemeentebestuur' in werking getreden. Deze wet houdt in, dat er een sterke(re)scheiding is tussen de functies en bevoegdheden van de gemeenteraad enerzijds en het college van B&W en de wethouders anderzijds. Gevolg van deze wet is, dat u veel duidelijker kunt zien hoe de gemeente werkt en dat u ook kunt controleren of ze dat goed doet. Dat is belangrijk voor u en voor de gemeente. U heeft recht op een goede en snelle service en een herkenbare politiek. Bovendien kan de gemeente hierdoor beter luisteren naar haar inwoners. Dat zijn belangrijke verbeteringen. Het is immers ook úw belastinggeld dat de gemeente uitgeeft!

Wat betekent de Wet Dualisme in de praktijk?

De gemeenteraad en het college van B&W hebben elk hun eigen taken die veel strikter gescheiden zijn dan voorheen. De raad bepaalt het beleid (op hoofdlijnen, dus niet in detail) en neemt de belangrijkste beslissingen, bijvoorbeeld de vaststelling van een bestemmingsplan. Het college vormt het dagelijks bestuur en voert alle besluiten van de gemeenteraad uit. Voorbeelden hiervan zijn het verlenen van vergunningen, het benoemen van ambtenaren en het verkopen van grond.
De raadsleden richten zich meer op ú. Het volksvertegenwoordigen komt voor hen weer op de eerste plaats, en niet het doorwerken van stapels papier op het stadhuis. Raadsleden hebben daar ook meer tijd voor, omdat ze zich niet meer bezighouden met de uitvoering van het beleid. Dat doen ambtenaren in opdracht van het college van B&W. Omdat raadsleden naar de burgers toe gaan, weten ze beter wat er leeft in de gemeente. Die kennis gebruiken ze wanneer ze nieuw beleid maken. Dat betekent overigens niet dat een raadslid een doorgeefluik is voor uw persoonlijke belangen. Raadsleden hebben de verantwoordelijkheid om zich bij hun werk te laten leiden door het algemeen belang. Een raadslid zal u dus bij klachten over kapotte lantaarnpalen of losliggende stoeptegels veelal doorverwijzen naar de ambtenaren.
Een wethouder is niet langer tegelijkertijd raadslid. Hij stemt niet meer mee over zijn eigen voorstellen en hoeft zijn eigen besluiten niet te controleren als raadslid. De wethouder hoeft ook niet perse lid van een politieke partij meer te zijn en mag - onder bepaalde voorwaarden - zelfs van buiten de gemeente komen. Veel meer mensen komen dus in aanmerking om wethouder te worden. Daardoor zijn er meer geschikte kandidaten. Ook in raadscommissies waarin veel van de besluitvorming in de raad wordt voorbereid hebben de wethouders geen rol meer. Het voorzitterschap wordt vervuld door een raadslid en de wethouder wordt alleen nog uitgenodigd om informatie te geven of verantwoording af te leggen over gemaakte keuzes. Door deze maatregelen ontstaat meer afstand tussen de raad en het college en kunnen inhoudelijke argumenten de doorslag geven.

Wie is dan eigenlijk de baas in de gemeente?

De gemeenteraad wordt direct gekozen door de burgers en is daarom de baas in de gemeente. De raad benoemt de wethouders, die samen met de burgemeester het college vormen. Het college is er voor het dagelijks bestuur van de gemeente. Het college is hierover verantwoording schuldig aan de raad. De ambtenaren helpen het college het beleid uit te voeren. Het college is verantwoordelijk voor het handelen van de ambtenaren. Als het college het beleid heeft uitgevoerd, controleert de raad de uitvoering. Als de raad ontevreden is over de uitvoering, kan zij de verantwoordelijke wethouder(s) ontslaan. Om de raad te helpen bij zijn vertegenwoordigende functie, het vaststellen van te behalen doelstellingen en de controle van het college wordt een griffier aangesteld. De burgemeester wordt op aanbeveling van de raad benoemd door de Koningin. De raad kan besluiten een burgemeestersreferendum te houden over kandidaten voor het burgemeestersschap, waarin burgers zich uit mogen spreken over één van twee door de raad geselecteerde kandidaten. De burgemeester is voorzitter van de raad en het college. Als de burgemeester er niet is wordt het voorzitterschap van de raad overgenomen door een raadslid.

Wat heeft u hier allemaal aan?

  • U weet beter wat raad, college en ambtenaren doen en wie waarvoor verantwoordelijk is.
  • U leert de raadsleden beter kennen.
  • U kunt (als u dat wenst) meer invloed hebben op de voorbereiding van beleid.
  • De resultaten van het beleid worden nauwkeuriger gemeten.
  • U heeft meer mogelijkheden om actief te worden in de gemeente als (plaatsvervangend) raadslid voor een partij, als wethouder of als lid van de rekenkamer.
Top